Zout

[foto: zoutkristallen in de Camargue 2017]

Op de keukentafel stond een potje met zout. Op het potje stond “sel de tavola”, tafelzout weet ik nu, maar dat woord kenden we niet in het boerendorp waar ik opgroeide en die link werd dus niet gelegd. Ik denk eigenlijk dat het leven zelfs zo besloten was dat de notie van andere talen er niet doordrong. Maar ik zag elke dag dat potje staan en de woorden hadden een magische klank, vaag en ongrijpbaar. Er was weliswaar een krant, er was een bibliotheek, maar dat bleef allemaal abstract, niet verbonden met de werkelijkheid binnen de dorpsgrenzen.

Ik probeer dat wel eens uit te leggen aan mensen, hoe dat is als je totaal geen benul hebt. Hoe er uit onwetendheid ook geen voedingsbodem, geen focus voor nieuwsgierigheid is. Er is de magie van ‘e pericoloso sporgersi’, maar niet de bijbehorende fantasie van exotische volken en landschappen, zelfs al zouden die totaal niet lijken op de werkelijkheid.

Nieuwe producten kwamen in onze werkelijkheid binnen als ‘kornetbief’ en ‘swieter’ maar geen idee van de herkomst, die gedachte kwam gewoon niet op. Later pas kwam beetje voor beetje de kennis, kleine openbaringen die de Grote Wereld beetje voor beetje dichterbij brachten. Verspreide puzzelstukjes die alles bij elkaar – de illusie van – een coherent globaal wereldbeeld hebben gecreëerd. De wereld geheel ontsloten door internet en avontuurlijke vakantiebestemmingen.

Daarmee is het dorpsleven van toen gereduceerd tot onvoorstelbare naïviteit, precies zo onvoorstelbaar als toen de grote wereld was. Toch is ook de magie van ‘sel de tavola’ gebleven, een vleug mystiek die het waard is om gekoesterd te worden. Dat bij alle begrip ook die laag van ongrijpbaarheid voelbaar blijft.