Kunst langs de IJssel.

We staan bij een contraptie van cortenstaal en iets met een ‘kunst’stof vissenstaart en een bak water. Welwillend stel ik me daar een zeemeermin bij voor, gevangen in een cirkel. Of in de tijd… de macht van taal, er is altijd wel een of ander verhaal bij te verzinnen. Maar de bijgeleverde toelichting verwijst naar haringhandel, de vergane glorie van Doesburg. Okeee. Kunst?? Ik zie het niet. Dan toch eerder een melige oprisping van de kunstenaar-bohemien die toch iets moet om in de subsidievijver te kunnen hengelen, maar daarbij haar/zijn minachting voor de burgerij onverholen tentoonspreidt. Een mevrouw uit Doesburg vraagt wat ik ervan vind. “Mwah…” zeg ik. “Maar in Doesburg aan de kade stond wel iets dat ik wel grappig vond. Drie mensfiguren die een perspectief suggereren in het weidse landschap van de rivier.” “O maar dat stond er al”, krijg ik terug. “Het is bedacht door architect van de gebouwen daar”. Nul punten voor de Biennale.

Inderdaad is het nogal eens een uitdaging om uit te maken wat nou bij de IJssselbiennale hoort. Het thema Tij-Tijd-Tijdelijkheid geeft ook geen houvast. Geeft niks als het gaat om andere kunst of gewoon mooie of interessante objecten. Het is al leuk om met die blik te kijken, opmerkzaam te zijn. En helemaal om in het gewone iets verrassends te ontdekken. Maar het wordt bedenkelijk wanneer je bij een roestbak of willekeurige troep denkt: zou het misschien kunst zijn??

Later passeerde ik het kunstwerk ‘Fake newsstand’ een opzettelijk spuuglelijk gebouwtje dat het IJssellandschap ter plaatse effectief verknalt. Uit de verklarende tekst: ‘(…) die als een chemicus verschillende ingrediënten bij elkaar gooit en hoopt op een alternatieve vorm van leven. Een leven waarbij de relatie centraal staat en absoluutheid tot het verleden behoort.’ Nou dan weet je het wel.

Maar gelukkig zag ik ook voorbeelden van geslaagde – dat is persoonlijk natuurlijk – interactie tussen kunst en landschap. Dat je denkt ja hier gebeurt iets; het landschap is van zichzelf interessant genoeg maar er wordt wel iets toegevoegd, een contrapunt. Verder viel mij nog op dat verschillende kunstwerken de vorm aannamen van een bosje pilaren met daarop een of andere sculptuur. Net als de windturbines dus die op dezelfde manier kunnen worden gezien als een esthetische verrijking van het landschap. Zal wel toeval zijn, maar petje af als het met opzet is gebeurd, als er een visie achter zat.

Natuur en Milieu

Met het educatiecentrum in Hardenberg ben ik in de weer om een expositie over verduurzaming in te richten. Dus ga ik wel eens die kant uit. Het centrum beheert ook een strookje grond tussen de mooie Overijsselse Vecht en een aangrenzend industriegebied; een stukje ‘wilde’ natuur met een paar verschillende biotopen. Niet heel spannend maar interessant genoeg om eens doorheen te struinen en maar te zien wat er voor de lens komt. En ook goed om een beetje look&feel te krijgen bij zo’n centrum waar ik nou niet dagelijks binnenloop. Ik probeer altijd al mijn werkbezoeken te combineren met een wandeling in de natuur ter plaatse, dus hier ligt het wel erg voor de hand. En zoals vaak blijkt dat er op zo’n stukje land van alles te zien en te beleven is als je daar even te tijd voor neemt. Een enkel koolwitje hield mij gezelschap, maar nadat ik er een uur had rondgeslenterd kwam er een heel gezelschap bij, zodat het nog een vrolijke vlinderboel werd daar aan de Vecht. Daar wordt een mens dan ook weer blij van.

Trickle down

Geen gebrek aan landgoederen hier. Vroeger speeltuinen van de welgestelden, die hier hun private jachtgronden hadden. Of melkkoe van de landadel, zoals de 685 hectaren van Ampsen. Een leuk optrekje mocht daarbij natuurlijk niet ontbreken; het is aannemelijk, dat er onder de edelen een stevige competitie bestond, om de hoogst mogelijke status ten toon te spreiden. Sinds het lijfeigenschap is afgeschaft en een minimumloon is ingesteld, is deze rijkeluishobby echter veelal onbetaalbaar geworden. Daarom is tegenwoordig de gewone burger welkom. Als belastingbetaler, als donateur, als consument. Beheerders zijn creatief geworden in het verzinnen van eigentijdse verdienmodellen en zo kunnen we nu allemaal genieten van mooie pareltjes in het landschap. Door extensief beheer zijn is het formele karakter er meestal wel vanaf gegaan en heeft de ‘wilde’ natuur ook weer voet aan de grond gekregen rondom de overvloed aan rododendrons van weleer. Het landgoed van Ampsen is nog altijd familiebezit. Met een bescheiden budget streven de huidige generaties van eigenaren naar behoud en versterking van natuurwaarden.

De Bloemelaar (m/v)

De bloemelaar houdt het midden tussen een vogelaar en een boemelaar. Bloemen hebben het voordeel dat ze niet wegvliegen en daardoor rustig in detail bekeken kunnen worden. Een fotografiedocent van lang geleden wees daar al op: ga het maar leren in de natuur, die loopt niet weg. Je hoeft ook geen uitgebreide taxonomische kennis te bezitten om van bloemen en bloemetjes te genieten, al helpt het wel. Het mag relaxter, zonder pretentie, en daar zit dan ook de overeenkomst met de boemelaar. Zoals een boemelaar tegen een mazzeltje aan kan lopen, zo ziet de bloemelaar wel eens een bijzonder bloemetje. Maar meestal moet hij het bijzondere in het alledaagse vinden.

De bloemelaar is te vergelijken met een muziekliefhebber. Die hoeft ook niet persé verstand van muziek te hebben om ervan te kunnen genieten. (Bijna) iedereen heeft een gevoel voor toon, akkoorden, ritme; en precies diezelfde kwaliteiten zijn ook voor het oog relevant. Zoals omgekeerd een klank ook kleur heeft. Wie er oog – of oor – voor heeft ziet hoe prachtig, door herhaling en variatie vanuit eenvoudige thema’s, complexe structuren ontstaan. Maar dat is alweer behoorlijk hoogdravend voor een eenvoudige bloemelaar.

[De foto’s zijn een beetje lukraak, huistuinenkeukenbloemetjes tijdens een wandeling op klompenpaden in de buurt van Oene]

Taboe

De pandemie is vaak als oorzaak en zondebok van eenzaamheid aangewezen. We zouden haast vergeten dat sociale ontwrichting ook al een groot probleem was, voordat covid-19 hier kwam huishouden. Op de dag dat ik dit schrijf zijn de winkels en terrassen net weer open. Dat wordt nu bejubeld als ware het een panacee. Hoera we mogen weer consumeren! Treffend verwoord door Pieter Derks in dit filmje (met dank aan Dorine) waarin hij onder meer opmerkt dat ‘we’ op een terrasverbod veel ernstiger vinden dan een gesloten bibliotheek. Helaas zal blijken dat het openen van terrassen de eenzamen in dit land niet zal helpen. Ik denk dat het taboe op eenzaamheid nu wat is afgezwakt doordat er een schuldige kon worden aangewezen. Maar wanneer de ongenode gast straks vertrokken is zullen we weer moeten kijken naar de diepere oorzaken. Of dat zal leiden tot het inzicht, dat consumentisme eerder een oorzaak is van het isolement, dan een oplossing ervoor…? Ik ben er bang voor. Ik vermoed dat, met verhevigde inzet van de geluksindustrie, het sprookje van de maakbaarheid weer in alle hevigheid erin wordt gehamerd en daarmee ook het taboe op aan-de-kant-staan. Ik kan me ook voorstellen dat al diegenen die niet worden getroost door consumptiegeluk nu juist weer met hun neus op de feiten worden gedrukt. Want aan een zeker gevoel van solidariteit van samen-alleen-zijn komt een eind. Even voor de duidelijkheid: zelf ben ik uiteraard nooit terneergeslagen of allenig. Mijn rijkgevulde creatieve leven houdt mij in een voortdurende flow van mindfulle happiness.

[Eenzaam Muur-bloemetje]